Voetstuk Staan

• Eigen kracht is: mensen het recht geven boven het maaiveld uit te steken

Welke overheid of organisatie wil niet professioneel, deskundig, klantgericht, ondernemend, innovatief, betrouwbaar, betrokken, transparant en duurzaam zijn? Veel overheden en organisaties maken de fundamentele fout te denken dat ze er zijn met het formuleren van mooie kernwaarden. Maar met kernwaarden alleen ben je niet onderscheidend.

De komende jaren verandert er veel in het gemeentelijke sociale domein. Gemeenten krijgen door de overheveling van de jeugdzorg, decentralisatie AWBZ extramurale begeleiding naar de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Passend Onderwijs en de Participatiewet veel nieuwe taken en bevoegdheden. Veranderingen gaan daarbij zo snel dat oude structuren en patronen steeds minder werken. Menige overheid en professionele organisatie probeert daarop in te spelen door en met het formuleren van prachtig krachtige kernwaarden. Eigen kracht is zo’n veel gebezigde kernwaarde.

Je bent als overheid en organisatie echter pas onderscheidend als je die kernwaarde niet alleen benoemd, maar ook op onderscheidende wijze weet te vertalen naar de uitvoeringspraktijk en dus het gedrag van medewerkers en – uiteindelijk (of om te beginnen: de burgers). Dat laatste aspect is bij de kernwaarde ‘eigen kracht’ van fundamenteel belang.

Geloven dat mensen er sterker van worden als ze zelf de regie over hun doen en laten hebben vraagt immers (ook) om het in gang zetten van een verschuiving, waarbij overheden en professionele organisaties (gaandeweg) het lef hebben om de rol van regisseur ook daadwerkelijk los te laten. Uiteindelijk gaat het bij de beoogde omvorming van het sociaal domein immers om het fundamenteel verleggen resp. uit handen geven van het mandaat van de regie.

Overheden en organisaties zullen daarvoor meer moeten en willen investeren in de ontwikkeling van de eigen kracht van hun inwoners en medewerkers. Hen instrumenten geven waarmee zij daadwerkelijk het heft in handen kunnen nemen. Dit betekent dat zij zich voortdurende de vraag moeten stellen of – en zo ja hoe – zij van toegevoegde waarde kunnen zijn voor hun inwoners en hun professionele werknemers. Op verschillende manieren en in wisselende intensiteit. Sterk leider- en opdrachtgeverschap zorgt er daarbij voor dat burgers en hen ondersteunende professionele dienstverleners op eigen initiatief direct alles uit de kast mogen halen om vragen en problemen snel en naar tevredenheid aan te pakken dan wel op te lossen. Dit vraagt ruimte voor meeveren (meedenken), open staan (actief luisteren), verantwoording nemen (initiatief tonen) en enthousiasme (de ander verrassen).

Veel bestuurders, directieleden, managers en leidinggevenden zien in en vinden dat het potentieel van mensen beter kan worden benut. Maar hoe? Door een nieuw spoor te trekken! Een spoor dat zich laat vormen door de eigen kracht van mensen. Dat spoor vraagt om een andere wijze van sturen, organiseren en communiceren en is direct gerelateerd aan de ‘systeemsprong’ die voortvloeit uit het eigen kracht denken. Die ‘systeemsprong’ vraagt om het aansluiten op de authenticiteit van mensen. Maak daar dus vooral gebruik van en richt je als overheid en organisatie op het daaraan leveren van toegevoegde waarde.

Als overheid en organisatie toon je authentiek leider- en ondernemerschap als je oprecht en enthousiast uitdraagt waar je voor staat. En dus ook het lef hebt om te bestuurlijk en zakelijk te handelen naar de consequentie van ‘eigen kracht’. Het begint bij uzelf, zoals Gandhi ooit zei: “Wees de verandering die u in de wereld wilt zien”. De diepgaande verandering van de systeemsprong’ begint echt bij een rolwisseling. Niet politici, bestuurders of managers moeten op het voetstuk van het succes (willen) staan. Zij moeten ‘hun’ mensen het recht en de ruimte geven hun kop boven het maaiveld uit te steken. Da’s niet eenvoudig. Want het devies luidt al gauw: ‘Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg.’ Toch? Of is dat een Calvinistische erfenisje uit het verleden?

Wellicht daarom spookte dezer dagen de tekst van “Voetstuk Staan” (recente hit van Acda en de Munnik) mij regelmatig door mijn hoofd. Want mag je hier in Nederland wel onderscheidend zijn? Je kop boven het maaiveld uitsteken? Of is dat te bedreigend voor de eigen (bestuurlijke) positie of onderneming? En is eigen kracht daarom weliswaar een graag gebezigde kernwaarde, maar vooral ook iets dat juist daarom vooral kernwaarde moet blijven, maar geen praktijk mag worden?

Eigen kracht vraag om een andere vorm van leidinggeven: faciliteren zonder te beteugelen. Ervoor zorgen dat anderen verantwoordelijkheid en initiatieven nemen. Als regisserende overheid en organisatie ben je dan facilitator – iemand die iets mogelijk maakt – en dus eigenlijk meer een terreinknecht dan een deelnemer. Bij deze omslag gaat het niet meer of langer om het antwoord op de vraag wat de toegevoegde waarde van een burger of medewerker aan de missie, doelen of omzet van een overheid of organisatie is, maar wat hun toegevoegde waarde is voor de inwoners en de hen ondersteunende professionals.

Afsluitend en aan de mensen die het lef te hebben om op eigen en authentieke wijze het hoofd boven het maaiveld uit te steken zeg ik: Het is cruciaal dat mensen, medewerkers, organisaties en overheden hun eigen kracht kennen. Daarmee kunnen ze hun eigen koers varen en hun persoonlijk leiderschap inzetten. Zo kun je werkelijk het verschil gaan maken. En als je – door onderscheidend te zijn – jezelf een eigen sokkel creëert, en je omgeving –
zwaaiend met zeisen, bijlen en contracten – roept: “Wat doe jij daar?”, weet dan: het toffe van z’n voetstuk is, dat je er een veel beter uitzicht hebt. En je ziet ook de maaier eerder aankomen…

2 comments

  1. Een interessant betoog! Er zijn op de werkvloer van de jeugdzorg veel creatieve iedeen te vinden! Wat er, ook bij dit betoog, mist is een focus op het samenwerken. Veel Gemeentes richten een eigen winkeltje in met het niet geoormerkte geld waar overheid en provincie beiden al een flinke hand uit hebben gegraaid. Als Gemeentes te weinig geld krijgen, dat niet geoormerkt is, waar samenwerking met andere Gemeentes geen verplichting is, waar de ernst van het belang van een goede jeugdzorg nog vaak wordt onderschat, dan gaan er straks mogelijk doden vallen binnen onze doelgroep.
    goed is niet goed genoeg!!!

    De verschillende instanties laten met mooie dansjes zien hoe goed ze zijn. Ieder zijn eigen voetstuk en zijn eigen dansje. Daar wordt onze jeugd niet beter van. Als we ons willen verbeteren dan moeten we een voetstuk bouwen voor onze klanten, de clientenraden zijn er niet voor het mooi, maar om ons te voeden ons te vertellen wat er goed gaat en wat er anders moet. Als duidelijk is wat de jeugd van ons wil, van ons mag eisen, dan kunnen we als instanties gaan samenwerken en pilots opzetten onder toezicht van oa de clientenraden.
    Ik heb al een paar fantastische pilots gezien! Ik zou zeggen: Peter Paul Doodkorte kom kijken naar de lopende pilots en “go for it!!”

  2. Helemaal mee eens, samenwerken als hulpverlening(=zorg+ onderwijs!!) niet alleen de eigen toko=veel te veel versnippering van de zorg=niet goed voor cliënten!!! ga naast ze staan en niet er boven of boven andere hulpverleners!
    Maar samen sterk!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s