
Over Rob Jetten en Nicolás Keenan, de vrijheid om lief te hebben en een samenleving die soms meer moeite heeft met twee vaders dan met haar eigen oordelen.
Ik vind het dus gewoon geweldig.
Rob Jetten en Nicolás Keenan verwachten een kindje. In het voorjaar van 2027 hopen zij vader te worden, met hulp van een draagmoeder en een eiceldonor. Twee vrouwen uit hun eigen omgeving die, volgens de gezamenlijke bekendmaking, bewust hebben gekozen om hun daarbij te helpen. Het traject is in Nederland doorlopen. Van commercieel draagmoederschap is volgens die verklaring geen sprake.
Bij mij roept dat vooral warmte op. Twee mensen die van elkaar houden, een langgekoesterde kinderwens en anderen die willen helpen die wens mogelijk te maken. Een kindje naar wie wordt uitgekeken.
Natuurlijk ken ik hun leven niet van binnenuit. Zoals we het leven van vrijwel geen enkel aanstaand ouderpaar werkelijk kennen. Maar wat zij laten zien, maakt mij blij: de dankbaarheid, de betrokkenheid, de vreugde waarmee ze dit nieuws delen.
Je zou denken dat een felicitatie dan een heel behoorlijke eerste reactie is.
Een mens kan zich vergissen.
De kraamvisite heeft alvast een oordeel
Naast de felicitaties verschenen ook de voorspelbare reacties. In berichtgeving over de online discussie wordt bijvoorbeeld de opmerking aangehaald dat Jetten een kind zou hebben ‘besteld’. Een vrouw die eerder draagmoeder was voor haar zwagers, herkent in de reacties een dubbele maatstaf: bij twee mannen wordt de kinderwens ineens een aanleiding om hun homoseksualiteit ter discussie te stellen.
Dat is nogal wat. Er is nog geen beschuit gesmeerd of iemand heeft het hele gezin al afgekeurd.
Niet omdat we weten dat dit kind onveilig zal opgroeien. Niet omdat de betrokken vrouwen zelf aangeven onder druk te staan. Maar omdat twee mannen samen vader willen worden en dat kennelijk nog steeds buiten het voorstellingsvermogen van sommige mensen valt.
Laat ik niet dezelfde fout maken door vervolgens ‘half Nederland’ af te schrijven. Een stroom nare reacties is geen representatieve bevolkingsmeting. Er zijn ook veel felicitaties en hartelijke reacties.
Maar het aantal maakt de kleinerende boodschap niet minder pijnlijk. Achter een opmerking als ‘een kind bestellen’ verdwijnen mensen: de wensouders, de vrouw die zwanger is, de eiceldonor en uiteindelijk het kind.
Zij worden gereduceerd tot een karikatuur, zodat een ander zijn oordeel niet meer hoeft te onderzoeken.
Een gezin is geen voorgeschreven opstelling
Wat maakt iemand eigenlijk tot een goede ouder?
Is dat de samenstelling van het paar? Of de bereidheid om aanwezig te zijn wanneer een kind je nodig heeft? Om veiligheid te bieden, grenzen te stellen, fouten te erkennen en opnieuw te beginnen?
Wie over ouderschap spreekt, zou over die vragen moeten spreken.
Een systematische overzichtsstudie uit 2023, waarin 34 onderzoeken werden samengebracht, vond dat de meeste onderzochte uitkomsten bij gezinnen met ouders uit seksuele minderheden vergelijkbaar waren met die bij heteroseksuele ouderparen. Op sommige terreinen, zoals de ouder-kindrelatie, waren de gemiddelde uitkomsten zelfs iets gunstiger. De onderzoekers wijzen ook op beperkingen van het beschikbare onderzoek; het is geen garantie voor ieder individueel gezin. Maar een algemene achterstandsverklaring voor kinderen met twee vaders of twee moeders volgt er bepaald niet uit.
Dat hoeft ons ook niet te verleiden tot het omgekeerde sprookje: alsof twee vaders vanzelf betere ouders zijn. Niemand krijgt bij de geboorte van een kind een bewijs van pedagogische onfeilbaarheid.
Ook Rob en Nicolás zullen dingen moeten leren. Zoals alle ouders.
Zij hoeven geen perfecte vaders te worden om dezelfde ruimte te verdienen als andere aanstaande ouders. Ze hoeven niet eerst aan Nederland te bewijzen dat er nooit een ruzie, een onhandige opvoedbeslissing of een vergeten gymtas zal zijn.
Gelijkwaardigheid betekent ook dat je gewoon mens mag zijn.
Geloof mag richting geven, niet de deur bewaken
Dan de religieuze bezwaren.
Iedereen mag vanuit zijn of haar geloof nadenken over relaties, voortplanting en ouderschap. Die vrijheid verdient bescherming. Net als de vrijheid om niet te geloven, anders te geloven of binnen dezelfde traditie tot een andere overtuiging te komen.
Juist daarom vind ik het onzorgvuldig om ‘de christenen’ tegenover dit gezin te plaatsen. Geen enkele geloofsgemeenschap past in één commentaarvak.
Maar respect voor geloof vraagt niet dat iedere religieus gemotiveerde uitspraak boven kritiek wordt verheven.
Wanneer iemand zegt: ‘Binnen mijn geloof kies ik voor een huwelijk tussen een man en een vrouw’, gaat dat over de inrichting van het eigen leven. Wanneer iemand zegt: ‘Daarom behoren twee mannen geen gezin te mogen vormen’, wordt die persoonlijke overtuiging een beperking van andermans vrijheid.
Daar ligt voor mij de grens.
Je hoeft niet hetzelfde leven te willen leiden om een ander zijn leven te gunnen. Je hoeft niet alles te herkennen om mensen met waardigheid te behandelen.
En wie naastenliefde belangrijk vindt, mag zichzelf best afvragen hoe die liefde klinkt voor een kind dat later leest wat er over zijn gezin is gezegd.
Draagmoederschap verdient meer dan romantiek
Tegelijkertijd: niet iedere vraag over draagmoederschap is homohaat.
Dat onderscheid is belangrijk. Wie het overslaat, maakt het gesprek niet vrijer, maar kleiner.
Een zwangerschap vraagt lichamelijk en emotioneel veel. Er kunnen uiteenlopende belangen, verwachtingen en kwetsbaarheden ontstaan. Daarom wil ik draagmoederschap niet verheerlijken als een eenvoudige oplossing, laat staan als een dienst die je maar moet kunnen afnemen.
Een kinderwens is diep menselijk. Maar een kinderwens geeft niemand recht op het lichaam van een ander.
Voor mij begint verantwoord draagmoederschap daarom bij ‘zorgvuldigheid’. Bij een vrije en geïnformeerde keuze van de draagmoeder en de donor. Bij onafhankelijke ondersteuning, medische zorg, heldere juridische afspraken en ruimte voor twijfel. Bij aandacht voor het kind, inclusief diens ontstaansgeschiedenis. En bij de erkenning dat de vrouw die zwanger is zeggenschap houdt over haar lichaam.
Dat zijn geen hinderlijke voorwaarden bij een mooi verhaal. Ze maken het verhaal verantwoord.
Bij Jetten en Keenan heeft de draagmoeder zelf iets over haar keuze verteld. Zij beschrijft hoe zij, met steun van haar naasten, wil bijdragen aan de droom van haar vrienden. Volgens de bekendmaking ontvangen zij en de eiceldonor geen betaling. Dat is hun eigen openbare verklaring; hun verdere privéleven is niet van ons.
We hoeven niet te doen alsof we daarmee alles over het traject weten. Maar we mogen haar stem evenmin wegdrukken omdat haar keuze niet in ons wereldbeeld past.
Een vrouw serieus nemen betekent ook erkennen dat zij uit overtuiging iets kan willen doen wat jij zelf niet zou kiezen.
Makkelijker hoeft niet minder zorgvuldig te betekenen
Draagmoederschap is in Nederland toegestaan. Wensouders kunnen binnen hun eigen kring een draagmoeder zoeken en haar onkosten vergoeden. Tegelijk gelden beperkingen voor openbare oproepen en voor het uit winstoogmerk bevorderen van draagmoederschap.
Ook het juridisch ouderschap is niet vanzelf geregeld. De Rijksoverheid beschrijft hoe wensouders na de geboorte procedures moeten doorlopen die lang kunnen duren en onzekerheid kunnen veroorzaken over de juridische verantwoordelijkheid voor het kind.
Dat is een merkwaardige werkelijkheid: een kind kan al in de armen van zijn verzorgers liggen, terwijl de juridische zekerheid nog achteraan moet komen.
Daarom mag het wat mij betreft gewoner en beter toegankelijk worden. Voor twee mannen, maar ook voor heteroseksuele wensouders voor wie zelf een zwangerschap dragen niet mogelijk is.
Niet door waarborgen af te schaffen. Wel door vermijdbare onzekerheid weg te nemen. Door begrijpelijke informatie, deskundige begeleiding en duidelijke procedures beschikbaar te maken. Door bescherming vooraf te organiseren in plaats van mensen achteraf door ingewikkelde trajecten te sturen.
Makkelijker zou moeten betekenen: minder onnodige hindernissen.
Niet: minder aandacht voor mensen.
De maatstaf is niet hoe snel een kinderwens wordt vervuld, maar hoe zorgvuldig alle betrokkenen worden behandeld.
Wie zegt het kind te beschermen, heeft zelf ook iets te doen
‘Ik denk alleen aan het belang van het kind.’
Het is een zin die een gesprek onmiddellijk moreel gewicht geeft. Terecht, wanneer daarna werkelijk wordt gekeken naar veiligheid, gezondheid, continuïteit en liefdevolle verzorging.
Maar die zin verdient ook een wedervraag: wat doet jouw eigen reactie met dat kind en zijn toekomstige omgeving?
Dezelfde overzichtsstudie die geen algemene achterstand door de seksuele oriëntatie van ouders vaststelt, noemt stigma, discriminatie en gebrekkige sociale steun als relevante risicofactoren voor gezinnen.
Dat maakt het nogal wrang om kinderen eerst publiekelijk als beklagenswaardig neer te zetten en vervolgens te zeggen dat je zo bezorgd bent over hun welzijn.
Wie een kind wil beschermen, kan beginnen met zijn gezin niet te vernederen.
Wie zorgen heeft over uitbuiting, kan pleiten voor bescherming van draagmoeders en donoren.
Wie juridische onzekerheid onwenselijk vindt, kan vragen om betere wetgeving.
En wie eigenlijk alleen moeite heeft met twee mannen die samen gelukkig zijn, zou eerlijk genoeg moeten zijn om dát te onderzoeken. In plaats van het ongemak te vermommen als kinderbescherming.
Een felicitatie is geen ingewikkelde overtuiging
Ik gun Rob en Nicolás hun geluk. Ik gun de draagmoeder en de eiceldonor respect voor hun keuze, goede zorg en de privacy waarom zij vragen. En ik gun het kindje een wereld waarin het niet steeds hoeft uit te leggen waarom zijn gezin er mag zijn.
Iedereen mag liefhebben, zolang die liefde vrij en wederzijds is. Een kinderwens is niet voorbehouden aan één samenlevingsvorm. Tegelijk draagt iedere weg naar ouderschap dezelfde opdracht met zich mee: verantwoordelijkheid nemen voor het kind en zorgvuldig omgaan met iedereen die bij zijn komst betrokken is.
Daar kunnen we kritisch over spreken. Daar móéten we soms kritisch over spreken.
Maar kritisch zijn is iets anders dan mensen hun geluk misgunnen. En een vraagteken is pas het begin van een gesprek wanneer je ook bereid bent naar het antwoord te luisteren.
Voor nu zie ik twee aanstaande vaders die uitkijken naar hun kind. Wat mij betreft beginnen we daar.
Gefeliciteerd, Rob en Nicolás. Wat een prachtig vooruitzicht.