
Samen werken aan een toegankelijker en effectiever Wmo-hulpmiddelenbeleid
Iedereen die tijdelijk of langdurig afhankelijk is van een rolstoel, tillift of scootmobiel, zou mogen verwachten dat dit goed geregeld is. Toch horen we al jaren verhalen van mensen die te lang moeten wachten, vastlopen in formulieren of zich van het kastje naar de muur gestuurd voelen. Dat is schrijnend – temeer omdat het niet ligt aan een gebrek aan betrokkenheid. In elke schakel van de keten zit inzet, professionaliteit en de wens om het goed te doen. En toch lukt het te vaak níet.
Het probleem is niet de wil, maar het systeem
De knelpunten zijn al jaren bekend. Te lange wachttijden. Onduidelijke communicatie. Veel administratief gedoe. Gebrek aan overzicht. Mensen die afhankelijk zijn van hulpmiddelen voelen zich eerder tegengewerkt dan geholpen. En dat terwijl álle betrokkenen hun best doen.
De oorzaken liggen niet bij individuen, maar in de manier waarop we het met elkaar georganiseerd hebben. De praktijk is complex:
- Te veel schakels, zonder regie op het geheel.
- Grote verschillen tussen gemeenten in beleid en uitvoering.
- Structurele tekorten aan tijd, geld en menskracht.
- En – niet onbelangrijk – een woud aan verschillende contracten tussen gemeenten en leveranciers.
De contractenparadox
Leveranciers van hulpmiddelen willen wél. Dat blijkt uit hun inzet, innovaties en samenwerking met gemeenten. Maar de enorme verscheidenheid aan contracten die in het land bestaat, helpt niet. Elk contract heeft weer andere eisen, andere definities, andere procedures. De versnippering maakt het lastig om processen te standaardiseren en verbeteren – en dat werkt uiteindelijk door in de dienstverlening aan inwoners.
“Het probleem is zelden de wil om het goed te doen – het zit ’m in hoe we het georganiseerd hebben.”
Contractstandaarden kunnen hier een oplossing voor bieden, maar dan moeten ze wél verder gaan dan het dichttimmeren van de ‘randzaken’. Wat nodig is, is contractmanagement dat oog heeft voor het geheel: voor de relatie, de samenwerking en het gezamenlijke doel.
Want goed contractmanagement is meer dan checken of iedereen doet wat afgesproken is. Het vraagt ook aandacht voor wat opdrachtgever en opdrachtnemer nodig hebben om afspraken waar te kunnen maken. In dat licht schieten traditionele contractmodellen vaak tekort. Ze zijn te rigide voor de complexe, strategische samenwerkingen die in het sociaal domein steeds vaker nodig zijn.
Wat helpt, zijn innovatieve benaderingen gebaseerd op relationele contracten. Deze zijn gericht op vertrouwen, samenwerking en flexibiliteit. Ze bevorderen duurzame relaties, waarin ruimte is voor verandering, leren en verbeteren. Niet tegenover elkaar, maar naast elkaar – met het belang van de inwoner voorop.
Vijf bouwstenen voor verbetering
Ik zie vijf richtinggevende bouwstenen die het verschil kunnen maken:
- Duidelijke uitgangspunten: begin met wat echt belangrijk is. Regie voor de cliënt. Eenvoud. Vertrouwen. Maatwerk dat werkt.
- Echte samenwerking: niet alleen overleg, maar gezamenlijke verantwoordelijkheid.
- Uniformeren waar het kan: dezelfde taal, eenvoudigere processen en lessen trekken uit goede voorbeelden.
- Investeren in vakmanschap: professionals de ruimte, kennis en ondersteuning geven die ze verdienen.
- Sturen op het geheel: niet ieder voor zich, maar ketenbreed eigenaarschap – van aanvraag tot levering en onderhoud.
“Goede zorg vraagt geen hardere regels, maar stevigere relaties.”
Vertrouwen als basis
We staan op een kruispunt. Doorgaan op de oude weg betekent meer frustratie, hogere kosten en onnodig leed. Maar kiezen voor een andere koers vraagt lef. Lef om ruimte te geven aan samenwerking. Om te investeren in relationeel contracteren. Om het gesprek te voeren over wat er écht nodig is.
Deze blog is geen aanklacht, maar een uitnodiging. Aan bestuurders, beleidsmakers, inkopers en aanbieders. Om weer te werken vanuit de bedoeling van de Wmo: mensen in staat stellen om mee te doen. Niet ondanks, maar dankzij een goed georganiseerd hulpmiddelenproces. Als we dat doen, dan kunnen we samen zorgen voor een systeem dat wél werkt.