
Inleiding
Binnen Beschermd Thuis zien we steeds meer mensen die, ondanks een kwetsbare positie, zelfstandig willen en kunnen wonen. Zij hebben echter ondersteuning nodig om dit op een duurzame manier vol te houden. Om hen écht goed te helpen, zijn duidelijke en uniforme afspraken binnen én tussen regio’s onmisbaar.
Deze blog verkent een route naar een toekomstbestendig Beschermd Thuis, waarin samenwerking logisch is, afspraken helder zijn en verantwoordelijkheden transparant zijn belegd.
Van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis: een noodzakelijke ontwikkeling
Historie en transitie
Beschermd Wonen was jarenlang een aparte voorziening binnen de Wmo, met centrumgemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering en financiering. Deze historische regeling leidde tot een ongelijke verdeling van middelen en capaciteit.
De huidige transitie naar Beschermd Thuis markeert een belangrijke koerswijziging: gemeenten worden verantwoordelijk voor ondersteuning binnen de eigen leefomgeving. Dit betekent dat álle gemeenten hun inwoners ondersteuning moeten kunnen bieden – ook bij complexe zorgvragen.
De kern van het probleem
In de praktijk zien we geregeld discussies ontstaan over verantwoordelijkheden bij Beschermd Wonen:
- Wie beoordeelt de aanvraag: de herkomstgemeente of de wensgemeente?
- Wie draagt de kosten, zeker bij plaatsing buiten de regio?
- Hoe lang blijft een herkomstgemeente verantwoordelijk?
De decentralisatie en toename van ‘Beschermd Thuis’-voorzieningen hebben geleid tot verwarring en uiteenlopende werkwijzen. Dit is onwenselijk voor zowel inwoners als professionals. Het vraagt om eenduidige definities, uniforme werkwijzen en landelijke toegankelijkheid – zonder extra administratieve lasten.
Begrippenkader: duidelijkheid over definities
Beschermd Thuis
Een woonvorm waarbij mensen met psychische of sociale kwetsbaarheid zelfstandig wonen, met passende ambulante begeleiding.
Kenmerken
- Huur wordt door de cliënt zelf betaald
- Ambulante ondersteuning op afgesproken momenten
- Gericht op zelfredzaamheid
- Geen inkomensafhankelijke bijdrage
Beschermd Wonen
De meest intensieve vorm van Beschermd Thuis, bedoeld voor mensen die (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen.
Kenmerken
- Wonen en zorg zijn geïntegreerd
- Geen huurbetaling, wooncomponent zit in zorgarrangement
- 24-uurs toezicht of nabijheid
- Wel een inkomensafhankelijke bijdrage
| Kenmerk | Beschermd Thuis | Beschermd Wonen |
| Woonvorm | Zelfstandig | Instelling/zorgvorm |
| Huurbetaling | Ja | Nee |
| Ondersteuning | Ambulant | Intramuraal |
| Zelfredzaamheid | Verondersteld | Ontoereikend |
| Inkomensbijdrage | Nee | Ja |
Samenhang met regiovisie en samenwerking
Gemeenten binnen een regio maken afspraken over hun aanpak via een regiovisie. Dit bevordert continuïteit van zorg, doorstroom en regionale samenwerking. Tegelijk blijft landelijke toegankelijkheid belangrijk, met name bij complexe problematiek of een behandelindicatie in een andere regio.
De gevolgen van onduidelijkheid
Gebrekkige uniformiteit leidt tot:
- Verwarring bij cliënten over waar zij terechtkunnen
- Verschillen in beoordeling en bekostiging
- Frictie tussen gemeenten bij plaatsingen over regiogrenzen heen
Zonder heldere afspraken blijven misverstanden en financiële spanningen bestaan.
Naar uniforme, landelijke afspraken
Er is dringend behoefte aan:
- Eenduidige definities en criteria
- Gelijkwaardige toegang tot voorzieningen
- Heldere afspraken over beoordeling, plaatsing en bekostiging
- Preventie van geschillen via vooraf afgestemde werkwijzen
Een eerlijk en effectief verdeelmodel
Waarom verandering nodig is
Het oude verdeelmodel van Beschermd Wonen was gebaseerd op historische budgetten en onttrok zich aan het woonplaatsbeginsel. Dit leidde tot scheve verhoudingen. In de doordecentralisatie moet het woonplaatsbeginsel ook hier gaan gelden.
Een nieuwe benadering
In plaats van een complexe toerekening van kosten, is het wenselijk dat:
- Gemeenten integraal verantwoordelijk zijn voor álle Wmo-voorzieningen
- Landelijke toegankelijkheid behouden blijft
- Gemeenten beloond worden voor preventie, uitstroom en samenwerking
Het objectieve verdeelmodel
Een nieuw model op basis van:
- Aantal inwoners met ernstige psychische aandoeningen (EPA)
- Centrumfunctie van gemeenten
- Verwachte zorgvraag per regio
Uitnodiging aan het veld
Deze blog schetst een denklijn richting duidelijke verantwoordelijkheidsverdeling. De inzet: landelijk toegankelijke zorg met heldere afspraken en minder bureaucratie. Reacties uit het werkveld zijn welkom om deze lijn te verrijken en te vertalen naar werkbare afspraken.
Beslisboom: Landelijke Toegang Beschermd Wonen
Deze beslisboom helpt gemeenten bij het vaststellen van de financiële en inhoudelijke verantwoordelijkheid bij plaatsingen buiten de eigen regio.
Samenvatting hoofdprincipes
- De herkomstgemeente is verantwoordelijk voor het eerste jaar.
- Als de cliënt zich wil vestigen in de wensgemeente én voldoet aan de landelijke toegang (LT)-criteria, draagt de wensgemeente daarna de verantwoordelijkheid.
- Als er onenigheid ontstaat, vindt eerst bemiddeling plaats door de regioadviseur, en desnoods de Geschillencommissie.
Stappenplan
Stap 1. Melding en onderzoek door herkomstgemeente
- Onderzoek naar passende ondersteuning binnen de Wmo.
- Beschermd Wonen alleen als laatste optie.
- Indien plaatsing buiten de regio nodig is: contact tussen gemeenten voor afstemming.
Stap 2. Blijft cliënt in de plaatsingsgemeente wonen?
- Nee → Herkomstgemeente blijft verantwoordelijk.
- Ja → Gemeente wordt wensgemeente → ga naar stap 3.
- Onduidelijk → Herkomstgemeente blijft verantwoordelijk tot duidelijkheid.
Stap 3. Was cliënt al geplaatst via IFZO of Jeugdwet?
- Ja → Herkomstgemeente is 1 jaar verantwoordelijk na afloop indicatie.
- Nee → Ga naar stap 4.
Stap 4. Heeft herkomstgemeente al 1 jaar gefinancierd vanuit Wmo BW?
- Ja → Ga naar stap 5.
- Nee → Herkomstgemeente blijft verantwoordelijk.
Stap 5. Voldoet cliënt aan de LT-toetscriteria (zie bijlage)?
- Ja → Wensgemeente neemt verantwoordelijkheid over.
- Nee → Herkomstgemeente blijft verantwoordelijk.
Stap 6. Is er een geschil over verantwoordelijkheid?
- Ja → Regioadviseur bemiddelt → evt. Geschillencommissie.
- Nee → Gemeenten leggen onderlinge afspraken vast.
Toetscriteria Landelijke Toegang BW
De wensgemeente beoordeelt o.a.:
- Positief sociaal netwerk en kans op herstel
- Actieve betrokkenheid bij werk/scholing/dagbesteding
- Bestaande behandelrelaties
- Veiligheids- of risicofactoren op de oude plek
- Specifieke voorzieningen of individuele redenen
(Bron: VNG Handreiking Landelijke Toegang BW, 2016)
Regioadviseurs
Overzicht en contactgegevens:
https://platform-sociaaldomein.nl/regioadviseurs
Visual: snelle beslisboom
Een visueel overzicht is hieronder opgenomen. Deze biedt een compacte weergave van de beslislogica.

Beste Peter Paul,
Ik was bij de werkgroep van (centrum)gemeenten en VNG over dit onderwerp. Ik kan de uitgezette lijn van eerst altijd melden bij de herkomstgemeente goed volgen en onderschrijven.
Ik vind dit een hele mooie aanzet voor een duidelijke beschrijving en stappenplan voor de toegang tot beschermd wonen (thuis)!
Ik geef mee om nog even goed naar de begrippen en het tabelletje te kijken. Bij een beschermd thuis mis ik nog wel het element dat er ook een mogelijkheid bestaat tot ongeplande ondersteuningsmomenten en/of 24/7 bereikbaarheid van begeleiding (als die er niet is, is met m.i. gewoon ambulante begeleiding ipv beschermd thuis).
En ik mis de tussenvormen. Hiervoor zijn de kenmerken, zoals nu genoemd onder beschermd thuis naar mijn mening, niet dekkend.
In veel tussenvormen, waarbij cliënten zelf huur betalen (al dan niet met de aanbieder als intermediaire verhuurder):
-is er sprake van het geclusterd wonen met andere cliënten;
– kan er naast volledig zelfstandige studio’s ook sprake zijn kamers met gedeelde voorzieningen;
– is de ondersteuning soms niet alleen 24/7 bereikbaar/oproepbaar, maar soms ook een deel van de dag aanwezig op de woonlocatie;
Met andere woorden bij de tussenvormen is de woonvorm niet 100% zelfstandig, is de ondersteuning meer dan ambulant en kan de zelfredzaamheid best ontoereikend zijn.
Oftewel: Tussenvormen en klassiek intramuraal beschermd wonen kunnen qua ondersteuningsconcept en ondersteuningsintensiteit best dicht tegen elkaar aan liggen, maar het cruciale verschil is (minimaal) de constructie van het wonen. Die is bij de tussenvorm namelijk altijd huren door de cliënt en een gewone Wmo eigen bijdrage betalen.
Remco Peijs (gemeente Leiden)