Er waren eens twee naburige steden, Solis en Nox, gescheiden door een brede rivier. Eeuwenlang hadden ze in vrede naast elkaar geleefd, handel gedreven en feest gevierd aan de oevers. Maar op een dag ontstond er onenigheid over wie de brug over de rivier mocht onderhouden.

De leiders van beide steden begonnen te ruziën. “Wij hebben meer ambachtslieden, dus wij zouden de controle moeten hebben!” riep de burgemeester van Solis. “Maar wij leveren het meeste hout en steen, dus het is ónze brug!” schreeuwde de raad van Nox.

De woorden werden hard, de blikken vijandig. Op een dag hakte een boze bewoner van Nox een deel van de brug af. De inwoners van Solis reageerden door stenen naar de overkant te werpen. De spanningen liepen op, en al snel trokken beide steden hun legers samen.

Dagenlang vochten ze. De eens zo bloeiende rivieroevers veranderden in een slagveld. De brug, het symbool van hun verbondenheid, werd volledig vernietigd. Maar terwijl de oorlog voortduurde, begonnen de mensen honger te lijden. Er was geen handel meer, geen voedsel uitwisselingen, geen vreugde. Kinderen vroegen: “Waarom vechten we?” Maar niemand wist het precies meer.

Op een nacht ontmoetten twee jonge timmerlieden, één uit Solis en één uit Nox, elkaar toevallig bij de rivier. Ze keken naar het stromende water en zuchtten. “Onze vaders bouwden samen deze brug,” zei de een. “Waarom vernielen wij hem?”

Zonder toestemming van hun leiders begonnen ze hout te verzamelen. Eerst bouwden ze een smalle loopbrug. Een paar nieuwsgierige kinderen staken over. Vervolgens kwamen de handelaars. Toen de boeren.

Toen de leiders van beide steden zagen dat hun volkeren elkaar weer vonden, kwamen ze tot inkeer. Ze bespraken hun verschillen en besloten samen een nieuwe brug te bouwen, sterker dan ooit.

De steden leerden een waardevolle les: oorlog vernietigt wat jaren van vrede hebben opgebouwd, maar vrede kan in een dag worden hersteld als mensen de moed hebben om samen opnieuw te beginnen.

Vrede is geen zwakte, maar de kracht om over verschillen heen te kijken. Oorlog bouwt niets op—het vernietigt alleen. Maar de hand die bereid is te herstellen, is machtiger dan de hand die vernietigt.